Museumdag

Vandaag is het museum dag. We plannen een bezoek aan het Hermitage (complex) en als het even mooi weer wordt als gisteren gaan dan nog de SS Petrus- en Paulusvesting bezoeken met aanvullend een duikje in de Neva. Het weer ziet er helaas niet echt schitterend uit maar we pakken toch ons zwemgerief al mee. Omdat het Hermitage maar om 10:30 opent hebben we alle tijd om rustig te ontbijten en rustig met de fietsjes door het park tot daar te rijden.

We zijn erg vroeg maar er staat al een rij wachtenden tot halverwege het toch niet kleine plein. We schuiven geduldig aan wetende dat de meeste mensen toch hun ticket gaan kopen aan het loket (wat hier altijd een eeuwigheid duurt) terwijl er buiten ticket automaten staan (net als bij het Kremlin in Moskou).

En inderdaad als het hekken opent gaat iedereen in de rij gaan staan voor een ticket, wij gaan voor de automaat gaan staan die ook maar om 10:30 tickets geeft. Blijkbaar zijn er weinig mensen die dat snappen want één na één druipen ze af zodat we al vlug als eerste aan de automaat staan.

Onze fietsjes hebben we in de inkom geparkeerd net achter het bord dat zegt dat je hier niet met fietsen binnen mag en dat is niet naar de zin van de ‘garde’. Hij komt ons uit de rij halen om ze te verzetten. Ik mag ze een paar meter verder zetten, net buiten het gebouw maar nog steeds in zijn gezichtsveld, iedereen content.

Als de automaten eindelijk beginnen werken zijn we de eersten die een ticket hebben en de eersten die dus in het lege Hermitage mogen rondlopen. Het is er heerlijk rustig tot de hordes gele medemensen van de andere kant het museum bestormen. Nu is het vechten voor een plaatsje.

Omdat de plannetjes in het Engels, Frans, Duits, Spaans op waren hebben we een Russisch plannetje (andere optie was Chinees…). Ondertussen lezen we vlot genoeg cyrilisch om onze weg door het museum te kunnen banen richting de Vlaamse Sectie die vooral door Rubens ingepalmd wordt.

Midden de oude Vlaamse meesters staat één modern werk, ik zie onmiddellijk dat het van Jan Fabre moet zijn (omwille van de duizenden kevertjes). Op het bordje staat dat het werk in bruikleen is gegeven aan het museum door de kunstenaar. Licht het aan mij of is dat niet een beetje blasé?

Het is al na de middag als we het Winterpaleis, het kleine Hermitage en het grote Hermitage hebben doorworsteld. Tijd om de innelijke mens een beetje te versterken.

In het museum zelf hebben ze echt lekkere broodjes en nog betere kriekentaartjes. We eten daar omdat er rond het museum zelf niet echt veel keus is om een snack te eten (of toch niet dat we gezien hebben).

Fietje wil er de brui aan geven maar als ik haar zeg dat er nog Monets hangen in het volgende gebouw gaat ze toch overstag. Het laatste deel van het Hermitage dat we zullen bezoeken is het prachtig modern gerestaureerd gebouw aan de andere kant van het Winterpaleis. Hier zat vroeger de general staff van het leger. Binnen is alles hyper modern met een mooie combinatie van beton, hout en inox. Via glazen bruggetjes loop je van het ene deel naar het ander en via een enorm trap die eigenlijk een aula is kom je bij de expositie ruimtes.

Er hangt echt teveel gekend werk om op te noemen maar de zalen zijn luchtig en er staan genoeg bankjes om af en toe wat uit te blazen.

We een stuk na de middag buiten en omdat het geen weer is om te gaan zwemmen fietsen we naar de SS Petrus- en Pauluskathedraal om de graven van de verschillende tsaren en hun familie te gaan bekijken. De kerk staat vol sobere praalgraven en in een kapel appart liggen de laatste Romanovs samen met hun bedienden en lijfarts begraven in één graf.

Het is vreemd om zien dat zelfs op het graf van Peter 3 nog een recente rouwkrans ligt met groeten uit Sleeswijk-Holstein.

We rijden de volledige citadel rond en keren dan langzaam via hetzelfde park terug waar we een prachtig restaurant vinden. Ongelooflijk lekker en belachelijk goedkoop (behalve de drank dan die ongeveer de helft van de rekening uitmaakt en dat voor een paar pintjes).

Geef een reactie