Grand Ecart

Gisteren niet veel meer gedaan dan gereden en geschuild voor de warmte. We zijn al richting Mashhad aan het opschuiven, we moeten toch naar het noorden, visum of niet. Als het tijd is om een slaapplaats te zoeken vinden we niet onmiddellijk iets in de nederzettingen die we passeren. We besluiten dan maar van de baan af te rijden en vinden een verlaten track (geen al te evident parcours!) die naar de voet van de bergen leidt. In de verte zie ik iets uitsteken boven een heuvelrug, net een bunkertje.

Blijkt dit hier een spookdorpje te zijn dat waarschijnlijk enkel nog door herders en hun kudde wordt bezocht. Het enige wat nog onderhounden is is een kleine gebedsruimte, al de rest is langzaam maar zeker ten prooi aan het vallen van de entropie. Fietje is er niet helemaal gerust in maar besluit uiteindelijk toch dat het ok is. Als ze iets later bijna op een slang stampt besluit ze toch niet te lang meer buiten te zitten en zeker enkel en alleen gebruik te maken van ons eigen toilet. ’s Nachts geeft het maanlicht nog een extra creepie laagje op de vervallen lemen huisjes en je verwacht ieder moment dat een horde living deads uit de holletjes zal kruipen…

Na een rustige maar zeer warme nacht, zonder ook maar een zuchtje wind vertrekken we voor 7:00 om de hitte een beetje voor te zijn. We moeten vandaag nog een serieus stuk door de woestijn en de hemel is maagdelijk blauw, dat belooft niet veel goeds.

In het eerste deftige dorp zien we een wegwijzertje staan naar een kasteel en een mansion. Zeer benieuwd wat daar kan staan slaan we daar in en vinden inderdaad een kasteel. ‘Kasteel’ is misschien een groot woord, eerder een ruine.

De deur staat open en er is niemand te zien dus gaan we binnen een kijkje nemen. Het zit er vol van de uiltjes, maar voor de rest is her vooral letterlijk een stal.

Als ik wil vertrekken met de Mog rij ik bijna tegen een politie wagen die om de hoek komt. Paspoort controle. Zelfde liedje als een paar dagen geleden, op een godvergeten plaats staat daar plots politie die perse een foto van je paspoort wilt.

De nieuwsgierigen die erbij zijn komen staan blijken over de sleutels van het gebouw ertegenover te beschikken. Dit blijkt de mansion te zijn die ze aan het restaureren zijn. We moeten echt ieder hoekje en kantje van het gebouw gaan bekijken.

In het volgende stadje dat we tegenkomen doen we wat boodschappen, tanken we en zoeken we een plaats om ons toilet te legen, water te nemen en nogmaals te bellen naar het consulaat. Jammer maar helaas, ook nu is het antwoord terug dat het visum nog niet klaar is, morgen moeten we maar eens terugbellen. Na het telefoontje wil ik uit de Mog stappen maar glij uit en doe ongewild een verticale spagaat. Ik hoor iets knakken in mijn dij en schreeuw het uit van de pijn. Het wordt zelfs even wit voor mijn ogen. Ik heb waarschijnlijk mijn dijspier verrokken, verdomme. Best dat Fietje kan rijden want dat zit er voor mij vandaag (en waarschijnlijk de volgende dagen) niet meer in.

We hebben niet veel meer keus dan verder te rijden. Iets verder ligt er een politie controle post waar men blijkbaar zeer grondig aan het controleren is. Nu maar hopen dat ze geen rijbewijzen zoeken. We moeten aan de kant gaan staan en onze paspoorten weeral bovenhalen. Ze negeren Fietje zoveel ze kunnen en meneer moet uitstappen en meekomen. Ik mank naar hun schamel kantoortje, moet plaatsnemen en voor de rest gewoon toekijken hoe ze vanalles in een beduimeld schriftje opschrijven. Wat de hel doen ze daarmee?

Driemaal is scheeprecht, iets verderop worden we weeral aan de kant gezet, paspoort controle. Ieamand is hier zeer zenuwachtig over toeristen (of zijn het terroristen? mss verkeerd gelezen in de opdracht voor vandaag?).

Als we uiteindelijk aankomen in het stadje waar we denken te slapen blijkt dat geen vetten te zijn. Ik heb de laatste kilometers goed uit mijn doppen gekeken om te zien of er geen plaatsje was om te slapen maar we proberen toch eerst alle mogelijkheden in het stadje. We vinden zelfs een bordje met een verwijzing naar één of ander “tourist resort” maar als we dat volgen komen we uiteindelijk terecht in een soort volkstuintjes waar we nog net kunnen draaien.

Fietje is moe is begint het op haar heupen te krijgen om door die smalle straatjes en steegjes te manoeuvreren en we besluiten 5 km terug te keren naar waar ik een piste heb zien verdwijnen in de heuvels. Daar aangekomen blijkt het toch niet zo evident om daar een plaatsje te vinden en we slaan een nog kleiner veldweggetje in dat over de heuvel rijdt. Het laatste stuk blijkt een beetje smal voor onze Mog en het ligt al een beetje scheef. Met een slakkengangetje rijdt Fietje de camion toch naar de heuvelrug. Nu is het echt welletjes geweest. We volgen de heuvelrug en zien beneden een verlaten boomgaard bij een droge rivier en rijden uiteindelijk naar daar voor de nacht. Wat een mooi plaatsje en wat een zicht. Bovendien is de temperatuur aanzienlijk aangenamer nu we in de bergen zitten die een welkome buffer vormen voor de hete woestijnwind van de Dasht-e-Kavir.
Nu maar hopen dat er niet één of andere kwieten naar de flikken heeft gebeld want het is voor vandaag wel geweest.

Geef een reactie