Tagarchief: geld

Teheran samengevat

11/5: Op weg naar Teheran houden we halt in Soltaniyeh, ‘Stad van de Sultans’ om er te slapen en om het mausoleum van Oljaitu (Mongoolse vorst) te bezoeken. Het gebouw bestaat uit galerijen die over twee verdiepingen lopen en befaamd zijn voor hun fijn beschilderd stucwerk. De stad van ooit is nu enkel nog een dorp met 8000 inwoners, een 5 tal km van de hoofdweg naar Teheran.
We slapen er vlakbij een begraafplaats waar hoofdzakelijk de jonge soldaten, wellicht uit de Irak-Iranoorlog rusten.

Mausoleum van de sultan
Onze slaapplaats aan het kerkhof

En dan ‘en route’ naar Teheran (12/5), thuisbasis voor 14 miljoen inwoners en gelegen tegen de flank van het hoge Alborzgebergte.We plaatsen ons op de uitgestrekte parking aan het mausoleum van Ayatollah Khomeini, in het uiterste zuiden van de stad. Het is vrijdag en dus weekend voor de Iraniërs, wat maakt dat er een drukte van je welste heerst.

Het is overduidelijk dat Iraniërs houden van kamperen. In de meeste steden en zelfs dorpen vind je parken die hiervoor uitgerust zijn: parkeerplaatsen waarbij koddige picknicktafeltjes staan, kinderspeeltuin, fitnesstoestellen, en een blok met WC’s en wastafels en soms ook douches. Met de hele familie slapen ze er in een pop-uptentje, slaapmatjes zijn hier Perzische tapijten. De plaatsen worden dagelijks schoongemaakt en het ziet er piekfijn uit. Ideaal dus voor ons, buitenlandse trekkers.

Mausoleum Ayatollah Khomeini

Vlakbij is de metro en voor minder dan 20 cent reis je comfortabel naar het centrum van de stad. Dezelfde avond gaan we de Tabiatbrug bezoeken en eten er in een charmant openluchtrestaurant. We raken er aan de praat met de manager van het restaurant die ons helpt met ons internetkrediet. Het wordt een leuke babbel aangezien de jongeman heel erg verlekkerd is op 4×4 rijden en dus saliverend de foto’s van ons Mogje bekijkt.

De dag er op (12/5)vertrekken we opnieuw richting centrum naar het DHL kantoor waar onze paspoorts met visum voor Rusland zijn aangekomen. Het is wat zoeken en na een heuse wandeling (Google maps toont het huisnummer zo’n 8 km meer naar het noorden dan het in werkelijkheid is…) nemen we de documenten in ontvangst.

We raken zo langzaam door onze Iraanse Rial en moeten dringend geld wisselen. Ik stap iedere bank die we tegenkomen binnen maar overal krijgen we hetzelfde antwoord als reeds in Tabriz : no change. In het beste geval bellen ze eens rond om je de officiële (50 000 irr/euro) en vrije koers (aan de grens 62 000 irr/euro, in Tabriz reeds 72 000 irr/euro en hier ondertussen al 75 000 irr/euro) te laten weten. Zelf de wisselkantoren die toch niet anders doen (en ook open zijn) wisselen geen geld meer, het bord met de koersen is idd leeg. Iedereen verwijst naar iedereen, de banken naar de winkeliers, de winkeliers naar de wisselkantoren, de wisselkantoren naar de banken…..

Nee, dit is niet de Efteling

We moeten nog kleuren kopies hebben van een deel documenten om morgen naar de ambassade van Turkmenistan te kunnen en zoeken (opnieuw via het onvolprezen iOverlander) een copyshop. De mannekes in de copyshop willen geen geld wisselen maar verwijzen ons naar een plein een beetje verder.  Ook de receptie van een hotel dat we binnenstappen verwijst ons daarheen. Op dat plein vinden we uiteindelijk met de hulp van een winkelier een tapijthandelaar/wisselkantoor dat ons geld wil wisselen.

Nadien gaan we het juwelenmuseum bezoeken waar de Perzische Schat (hebbedingetjes van de Shahs) tentoongesteld wordt in de kelder van een bank. Zware veiligheidscontroles maar wat een pracht… moet een doorn in het oog zijn van de Queen of England met haar schamele kroonjuwelen (hoewel zij de Koh-i-Noor, die ooit onderdeel van deze schat uitmaakte in haar kroon heeft). Helaas mogen we hier geen foto’s nemen.

De dag nadien (13/5) vertrekken we heel vroeg met de metro naar de ambassade van Turkmenistan (die gisteren gesloten was) om er ons transitvisum aan te vragen. De rit duurt makkelijk anderhalf uur want is gelegen in het uiterste noorden van de stad. Deze visa konden we vooraf niet regelen. We hadden de weg goed uitgestippeld en geraken er vlot met metro en taxi. Terwijl we wachten aan de ingang stromen nog een 4 tal toeristen toe. Maar helaas pindakaas, vandaag geen opening. Blijkbaar was de dag voordien een minister op bezoek geweest en kon de consul niet uit zijn bed (of zoiets). Verdorie. Dus nog een extra dag wachten in Teheran.

We profiteren van de situatie om in het noorden van de stad het Niavarancomplex te bezoeken waar de woning van de laatste Shah, tot aan zijn vlucht, gevestigd was. Het ligt in een rustig en groen park en het bezoek aan het paleis laat blijken in wat voor luxe de vorst en de zijnen zich wentelden. Het paleis is very 70’s en voorzien van allerlei snufjes, zoals een dak dat automatisch openschuift, een eigen cinema zaal, …

Paleis van laatste Sjah

We dalen terug af in de stad op zoek naar een taxi die ons naar de dichtstbijzijnde metro zou brengen, maar…we waren niet echt voorzien om lang in het centrum rond te dwalen en hadden dus maar een beperkte som geld mee.  We blijken amper genoeg geld bij te hebben om ons middagmaal te betalen (voor een zeer gelijkaardige maaltijd hebben we gisteren 360 000 irr betaald, nu 840 000). We hebben nog net genoeg om een brood te kopen voor vanavond en een metroticket tot onze autootje. Niks taxi dus, we mogen met te voet naar de metro. We bevinden ons hier duidelijk in de sjiekere coté van Teheran: dure winkels, schone auto’s en minder traditionele kledij en alles is veel duurder.
Metro naar huis, water indoen, WC ledigen, was doen en nog een bezoek aan het mausoleum. Ook hier een aparte ingang voor mannen en vrouwen en strikte veiligheidscontroles. Toen ze hoorden dat we uit België kwamen mochten we door. Het is immens zowel wat de grootte betreft als de decoratie binnenin. In het centrum staat een gouden kooi waarin het lichaam van K en zijn zoon zijn opgebaard. Sjiitische moskees en mausolea doen hier dienst als opvang voor daklozen, die je verspreid over de honderden tapijten ziet slapen, dichtbij hun geliefde Khomeini.

Nu (14/5) is Arno alleen naar de ambassade van Turkmenistan, hopen maar dat de consul geen diarree heeft vandaag?
Ik heb ondertussen nog wat was gedaan in mijn fantastische waston, heb thee gedronken met de ene, ontbeten met de andere, en toch nog wat tijd gevonden om de blog verder aan te vullen.

Op weg naar Teheran nog wat gedroogde vruchten en noten inkopen