Tagarchief: Samarkand

Laatste dag Uzbekistan…

Ok, na wat discussie, want die hebben we soms (maar zelden) op onze reis, is Arno toch akkoord om hier in Samarkand nog een extra dag te vertoeven en dus niet te rushen naar Tadjikistan voor (ocharme) Mogje zijn onderhoudsbeurt.

Op die manier kunnen we nog op het gemak de mausolea bezoeken, drie keer douchen per dag, boodschappen doen en vooral de blog bijwerken.

Oezbeekse schoonheid…

We nemen afscheid van een aantal oud bekenden die per fiets of per auto de oversteek vandaag zullen maken. Goodbye, good luck, see you later on the road…

We stappen naar  het Shah-I-Zinda (graftombe van de levende koning), waar we na een ingangsticket de toegang krijgen tot een boulevard met de fijnst bewerkte mausolea ter wereld. Hier zou ook de graftombe zijn van de neef van de profeet Mohammed, ene Qusam Ihn-Abbas,je weet wel. wie ik bedoel é…

We nemen vaak plaats op een bankje in de schaduw om de meesterwerken van gesculpteerde en geglazuurde tegeltjes tot in de detail te bewonderen.

Daarna gaan we naar de overdekte bazaar waar het aangenaam vertoeven is en waar we ons tegoed doen aan allerlei lekkernijen, te koop aangeboden door goedlachse verkopers. Kruiden voor het thuisfront, slaatjes,  versgebakken samsas, kaas en worst en heerlijk zoete kersen.

Terug in ons hotelletje bergen we alles netjes op, doe ik nog een handwasje en wordt de rest van de tijd besteed aan dit: het updaten van de blog om jullie lievelingen op de hoogte te houden van ons mooie avontuur. Hopelijk genieten jullie ervan en geeft het lezen ervan toch een beetje het gevoel dat jullie erbij zijn.

Morgen Tadzjikistan  (ons 9de land buiten België), en eventjes dat woestijn-crossen on hold zetten.

Oezbekistan was  een immens aangename ervaring : vriendelijke en open mensen, de steden Khiva, Bukhara en Samarkand zijn de mooiste ooit gezien, en zoals eerder aangegeven heeft ook zijn binnenland met bergen , meren en  offroadbaantjes om  van te kwijlen, heel wat te bieden. Hier zijn ze voorzien op toeristen en ok, dit maakt het misschien iets duurder maar wel stukken gemakkelijker. We hoorden van velen dat het openbaar vervoer ook zeer correct is. Ideaal land voor een short stay vakantie, maar dan best in maart, april of mei om de hitte te ontwijken.

Jammer dat het land en dan vooral zijn leider het niet zo nauw neemt met mensenrechten. Slavernij is in Oezbekistan een feit waarbij iedereen, ook kleine kinderen, verplicht worden op de katoenplantages te werken onder het wakend oog van een ‘toeziender’of andere klussen uit te voeren onder de eufemistische noemer van ‘verplichte gemeenschapsdienst’.

‘Verplichte’ gemeenschapsdienst

 

Samarkand zien en sterven

’s Morgens aan het meer profiteren we van al dat water om onze zonnepanelen eens te wassen (@Freddy,:bedankt voor de tip) en de binnen nog eens met nat te doen terwijl Arno nog enkele kleine reparaties uitvoert.

We rijden terug richting Samarkand maar nemen de weg langs de bergen in plaats van de autosnelweg, die hier de E40 heet en waarbij je de ‘snel’ gerust mag weglaten uit het woord.

Arno begint zijn vingers op te eten…en dat betekent dat hij zich zorgen maakt. Er ‘ruttelt’ inderdaad iets (niet ikke deze keer) aan de Mog en Arno wilt asap ons kind binnen doen voor nazicht samen met oliewissel en zo.  Onderwijl vroem ik vrolijk langs het uitgestrekte landschap dat hier gedomineerd wordt door heuvels, rotsachtige bergen en natuurlijk woestijnvelden.  De weg is echt wondermooi en laat blijken dat een bezoek aan Uzbekistan veel meer in petto heeft dan enkel zijn alom bekende cultuursteden.

Binnenland Uzbekistan

We arriveren in de vroege namiddag in Samarkand en nemen een B&B.  Enerzijds om ons nog eens te laten registreren maar vooral om eens deftig te douchen (mijn haar is zowaar getransformeerd in een plak karton) en om bij te bloggen. Hier ontmoeten we opnieuw Jeroen, de flinke Nederlandse fietser en de Zwitserse broers uit Bukhara. Het hotelletje heeft een gezellig binnenpleintje waar je onder de abrikozenbomen en met een kopje thee, gezellig kan bijkletsen met andere routards.

Na een lange douche gaan we het zeer nabij gelegen Registan (plein in het zand) bezoeken en oh mens, als je dacht dat Khiva en Bukhara al je adem doen stokken, dan val je hier werkelijk omver bij het aanschouwen van dit glorieuze plein waarbij de Madressa’s zo hoog en imposant zijn dat ze de lucht lijken te kussen!

Princes voor haar paleis
Het beeld van op onze blog, maar nu in het echt!

Er loopt weinig volk,  maar daarentegen wel wat politieagenten (zien er in Uzbekistan uit als ‘les gendarmes de Saint Tropez ‘maar dan in het groen) die fluitend en van ver gesticulerend, iedere toerist aanmanen een ticketje te kopen. En zo zeggen ze je: als je hen wat smeergeld betaalt, mag je het plein ook na 20u betreden, hmmmm. Door hun gewaggel en hun kepie scheef op het hoofd had ik sterk de indruk dat ze dronken waren….

Les gendarmes de Samarkand

We kopen braaf ons ticketje, betalen als goede burgers geen smeergeld en bezoeken de gebouwen ook binnenin. In afwachting van de zonsondergang gaan we op het nabije terrasje iets drinken en wie komt daar vrolijk afgewandeld? Onze Gentse sjoekes, die ons opnieuw vergezellen. Tja, we beginnen zeer gehecht te worden aan hen. Als de lichten om 20U aanflippen en het hele plein in een betoverend en feeëriek licht dompelen, begrijpen we de zin uit onze gids: No name is so evocative of the Silk Road as Samarkand.

Van op de trappen voor het lege plein genieten we nog lange tijd van dit sprookjesachtig beeld.

Registan

We gaan dichtbij iets eten en lopen nadien nog eens langs Registan om ons naar bed te begeven waar we ons in slaap zweten aangezien de airco geen goei modelleke lijkt te zijn…